Vrouw en man
“DIVA/DIVO”: Aria’s van Massenet, Mozart, Rossini, Gounod, Berlioz, Bellini, R. Strauss. Joyce DiDonato; Orkest en Koor van Opéra National de Lyon; Kazushi Ono. Virgin Classics 50999 64198606
De Amerikaanse mezzosopraan Joyce DiDonato maakte vorig jaar enorm succes met haar recital van Rossiniaria’s. Nu heeft ze gekozen voor een recital van aria’s in verschillende talen en stijlen, met als rode draad het afwisselen van aria’s voor vrouwelijke èn mannelijke personages, door elkaar heen. Het concept is leuk, zeker zoals hij wordt uitgebeeld op de hoes, met de dubbele foto van Joyce DiDonato in zowel mannelijke als vrouwelijke kledij. Toch is de samenstelling van het recital niet zo origineel als hij op het eerste gezicht lijkt. Hij is een verkenning van de drie belangrijkste repertoirevakken van de lyrische mezzosopraan, namelijk: Mozart, bel canto, Franse opera. Dit betekent echter niet dat het programma als saai of voorspelbaar overkomt, want Joyce DiDonato is een geweldige artieste op het hoogtepunt van haar carrière, en hier zitten ook minder bekende aria’s bij. Bijvoorbeeld, de zelden gehoorde Massenetaria’s komen uit de opera’s Chérubin, Cendrillon, en de volslagen onbekende Ariane. Zij worden allen met grote overgave uitgevoerd. DiDonato is weergaloos in Rossini, dus is het geen verrassing dat de fragmenten uit Il Barbiere di Siviglia en La Cenerentola van torenhoog niveau zijn. Ook als Romeo in de Capuleti van Bellini is zij erg overtuigend. Haar naadloze techniek maakt haar voor Mozart zeer geschikt, ook al worden haar aria’s als Susanna en Cherubino iets ondermijnd door onrustige tempi.
Het is interessant om deze opname van de grote aria van Vitellia uit La Clemenza di Tito te vergelijken met de versie die ze negen jaar geleden onder leiding van Frans Brüggen maakte. De nieuwe versie is superieur in alle opzichten- haar stem is enorm vooruitgegaan in zowel het midden als in de hoogte, alleen valt de relatieve zwakte van haar borstregister juist om die reden iets meer op. Er zijn een paar andere momenten waar de zwakkere lage register opvalt. Men vraagt zich af of Joyce DiDonato sopraanaspiraties begint te ontwikkelen. De aria uit La Clemenza di Tito is mooi gezongen maar evenaart niet de spectaculaire versie van Cecilia Bartoli, met zijn ongelofelijk gewaagd, trage tempo. (Bartoli zingt deze aria een hele toon hoger, hoe komt dat nou?)
In Berlioz (Damnation de Faust, Roméo et Juliette) prefereer ik het iets vollere geluid van DiDonatos Amerikaanse collega Susan Graham. De coupletten uit Roméo zijn bovendien te statisch en missen het gevoel van vervoering dat essentieel is voor dit stuk. Zijn de missers in de keuze van tempo te wijten aan de smaak van Joyce DiDonato, of zal het aan dirigent Kazushi Ono liggen? Maar enfin, er valt in deze opname veel te genieten, en bovendien gaat het om een zeer gul programma, met een speelduur van boven de tachtig minuten op een Cd! De opname wordt in stijl afgesloten met de aria van de componist uit Ariadne auf Naxos. De abrupte breuk in stijl met de rest van het programma is heel effectief, en ook al heeft Joyce DiDonato een wat slankere stem dan sommige vertolksters van deze rol, ze loodst haar stem door de grote climaxen met kracht te over.
Tekst:David Barick
