Vespers in recordtijd

MuziekMonteverdi


MONTEVERDI: Vespro della Beata Vergine. L’Arpeggiata,  o.l.v. Christina Pluhar.
Virgin Classics 50999  6419940 5


De Cd-opnamen van L’Arpeggiata worden altijd door een intens theatraal gevoel gekenmerkt. Tot nu toe hebben ze zich geconcentreerd op repertoire uit de Seicento en ander repertoire dat zich voor deze aanpak leent. Wetend dat dit hun sterkste kant is, benadert men hun opname van de Vespro della Beata Vergine met enige spanning. Zijn de statige en monumentale Vespers verenigbaar met de speelse benadering die L’Arpeggiata normaal hanteert?

Om kort te zijn: het antwoord is nee. Het gevoel dat men tot de essentie  van de muziek doordringt en de diepgang ervan zoekt, ontbreekt hier, samen met enige devote sfeer. In haar inleiding pleit dirigente Christina Pluhar voor een “concertversie” als basis voor een opname, en zij is zeker niet de eerste die ervoor heeft gekozen om geen gregoriaanse antifonen toe te voegen. Maar haar basisstelling dat de stijl van het hele werk  even zeer wijst naar uitvoeringen buiten (dat wil zeggen, in prinselijke zalen) als binnen de kerk, is minder goed verdedigbaar.Het verschil in stijl tussen de psalmen en de geestelijke concerti, en de functie van deze wonderbaarlijke concerti, is al sinds jaren het onderwerp van hevige discussie. De stelling van Christina Pluhar dat er maar één ‘klankwereld’ bij deze muziek, past, namelijk, het veelvuldig gebruik van allerlei tokkelinstrumenten en instrumentale toevoegingen, is een grote oversimplificatie.

Deze benadering van L’Arpeggiata is creatief en is in het verleden met succes toegepast  op voornamelijk wereldlijk repertoire, maar het gaat heel ver om te beweren om musicologische redenen dat juist dit de uitgelezen aanpak is voor deze muziek. Evenmin overtuigend is de keuze van zeer hoge tempi voor passages met een lange cantus firmus. Dit zou volgens Pluhar het niveau van virtuositeit verhogen en het zingen van de cantus firmus vergemakkelijken, maar het resultaat is eerder een overhaast, halsoverkop gevoel. Inderdaad, de musici presteren het om het hele werk in recordtijd te spelen: 75 minuten. Volgens mij is die prestatie van een Monteverdi Vespers op een CD nooit eerder vertoond. In ieder geval is er van ruimte en breedte in de muziek geen sprake. Wat is er verder te zeggen van de opname? Er wordt degelijk en keurig gezongen maar alles wordt heel klein gehouden, met weinig ruimte voor individualiteit of kleur. Soms is het verschil in coloratuurtechniek onder de zangers storend ; bij de tenoren is dit soms zowel overgeaspireerd  als onnauwkeurig. Ik had veel verwacht van de Chileense tenor Emiliano Gonzalez Toro, die niet zo lang geleden schitterde als Arnalta in L’Incoronazione di Poppea bij de Nederlandse Opera, maar ook hij komt iets bleker over dan verwacht.

De  instrumentale partijen worden  als altijd bij L’Arpeggiata zeer gelikt gespeeld, maar de hoeveelheid versieringen die wordt toegevoegd, grenst soms aan het absurde. Bovendien is dit bijna uitsluitend het aandeel van de cornetti. Waarom niet de violen eens aan de beurt laten komen? Of  de zangers, aan wie nauwelijks enige vrijheid wordt gepermitteerd? Die zouden als de echte virtuozen van de uitvoering moeten overkomen, maar ze mogen niet eens een triller aan de slotcadans van hun grootste solo’s toevoegen. Ontwikkelingen in recente uitvoeringspraktijk worden gerespecteerd : solobezetting in de stemmen, transpositie naar beneden van de delen Lauda Jerusalem en Magnificat. Maar zulke zaken zijn niet nieuw, en zijn terug te horen in vele andere uitvoeringen.
Alles bij elkaar, is deze opname misschien wel experimenteel maar niet vernieuwend. Als je echt in aanraking wilt komen met de pracht en mysterie van dit werk, zijn er tal van andere opnames die daar beter aan tegemoet komen.

Tekst: David Barick