Dat wilde ik laten zien
Neske Beks, een Belgische Amsterdamse, is een duizendpoot binnen de wereld van woorden. Bekend is ze vooral als spoken wordartieste. De laatste jaren heeft ze ook haar sporen verdiend als coach en sinds kort mag ze zich documentairemaker noemen. Beks ging voor haar eerste documentaire “Eigen Volk” terug naar de wereld van haar jeugd, naar de wereld van het gezin waar zij opgroeide in een dorp bij Antwerpen, om o.a. antwoord te zoeken op de vraag waarom de meeste van hen tegenwoordig hun stem geven aan het Vlaams Belang, een partij met de leuze: ‘Eigen Volk Eerst’.
Wanneer ontstond de behoefte om deze documentaire te maken?
Om precies te zijn in 2006 tijdens het WK voetballen, toen ik in een café zat te kijken. Ivoorkust speelde en ik zag om me heen hoe vooral witte mannen reageerden op de viriele staat van ‘black male’ Drogba. Het herinnerde me eraan hoe mijn (blanke) vader vaak reageerde op zwarte mannen.
Van de ene gedachte rolde ik in de andere en ik ging broeden over hoe selectief racisme nou precies werkt...
Omdat mijn vader ziek was, besloot ik dat het mijn laatste kans was om hem te vragen waarom hij Vlaams Blok stemde. Toen ik eenmaal voor zijn neus zat, werd ik bang en draaide ik toch enigszins om de pot heen omdat het – hoe sterk en volwassen ik ondertussen ook ben – altijd pijn blijft doen.
Hoe ging bij jou de zoektocht naar de vorm?
Die kwam vanzelf tijdens het schrijf- en maakproces.
Deze hybridevorm hoort helemaal bij me.
Dit ben ik.
Dit is mijn signatuur.
Het is een ‘moksi’ van beeld, zang, woorden, vragen, sturen, en houden van mensen tegelijk.
Eindelijk kon ik alles wat ik kan samenvoegen. Het was soms eng om niet helemaal te weten waar het schip zou stranden, maar gelukkig telt het allemaal bij elkaar op! En ik ben nooit eerder zo trots geweest op een eindproduct als op deze film.
Hoe moeilijk of makkelijk was het om je familie ertoe te bewegen mee te doen aan de documentaire?
Het ging heel vlot eigenlijk. Niet iedereen wilde meedoen, maar de mensen van wie ik houd en die van mij houden, zeiden meteen ja.
Ik ben nooit geadopteerd, actually.
Ik was een ‘pleegkind’, en dan ook eentje zonder rechterlijke inmenging. Het was gewoon onderling afgesproken. Dat gaf altijd de onzekerheid dat ik van de ene op de andere dag zomaar weggehaald zou kunnen worden. Nu ik volwassen ben, besef ik pas wat voor onzeker basisgevoel me dat gegeven heeft. Ik wist dat mijn pleegmoeder als de dood was, dat mijn biologische moeder me zou weg komen halen als ik tiener was. Zover is het nooit gekomen, want mijn pleegmoeder werd ziek toen ik elf was. Voor mij, de heftigste gebeurtenis uit mijn leven tot nog toe.
Toen ik aan de documentaire begon, was ik voornamelijk bezig met de relatie tussen mij en mijn pleegvader, maar al interviewend en filmend realiseerde ik me hoezeer de negatieve familiepatronen in ons gezin worden doorgegeven van generatie op generatie. Zoals bij zoveel mensen. Helaas...
Hiernaast vraag je je af hoe het is gekomen is dat zoveel mensen uit jouw directe omgeving Vlaams belang zijn gaan stemmen. Heb je dat antwoord gevonden?
Ja en neen.
Ja, want ik wist het al, denk ik. Het is voornamelijk ingegeven door particuliere ervaringen en angst. En een gebrek aan goede communicatie. Mijn zus is bijvoorbeeld een keer overvallen door Marokkanen. En zo heeft mijn vader veel meer wereld in zijn huis binnengekregen dan hij aan kon. En ja, ik denk dat mijn komst in het gezin daar veel mee te maken had.
En neen: zoiets blijft ALTIJD pijn doen.
Een ander thema in je documentaire is de relatie tussen jou en de andere kinderen in het adoptiegezin. Die kinderen hebben niet dezelfde visie op de politiek. Heb je daar een verklaring voor?
Die geef ik eigenlijk al in mijn vorige antwoord... Smile.
In de documentaire heb je geprobeerd de geïnterviewden zoveel mogelijk aan het woord te laten en hun twijfels te laten zien zonder het daarbij met hen echt over jouw emoties te hebben. Waarom heb je deze keuze gemaakt?
Ik wilde geen verwijtende film maken. Dat vind ik niet interessant. Daarbij wilde ik vooral laten zien dat er ondanks alles liefde is. Liefde voor hen, liefde voor mij.
Er zijn fouten gemaakt, ja. Soms zijn die onherstelbaar gebleken. Maar die zijn, wat mij betreft, niet onvergeeflijk.
Een kritiekpunt op mijn documentaire dat ik hoorde was dat ik niet doorgevraagd heb. Mijn antwoord daarop is dat ik heb gevraagd naar wat ik wilde weten en naar wat ik nodig had om het verhaal te vertellen. Zowel de mens Neske, als de maker Neske voelden hierbij niet de behoefte verwijtende of veroordelende vragen te stellen. Met verwijten had ik mezelf als een van de hoofdpersonages tekort gedaan, vind ik.
Ik wilde mezelf laten zien zoals ik ben. Soms direct en soms ook nog vluchtend voor de pijn die het doet om te horen dat ik deel uit maak van een niet gewenste groep mensen. Louter om mijn kleur, mijn afkomst en mijn ras. En ik wilde de filter laten zien waarmee de “autochtone” groep de “allochtone” groep bekijkt. Dat ding van “Jij niet, jij bent niet zoals de anderen.” En ik wilde laten voelen hoe wrang het is als mijn zus het tegen mij heeft over “die vreemden”. Als iemand haar er op zou wijzen dat ik ook “een vreemde” ben, zou ze schrikken, als het ware. Dat selectieve racisme, dat we bijna allemaal wel eens voeren, DAT wilde ik laten zien.
Ik durf nooit met alle zekerheid te zeggen dat ik –stel dat ik ooit wit geweest zou zijn – hetzelfde standpunt over buitenlanders en andere rassen zou hebben als ik nu heb. Maar ik ben niet wit en mijn kleur en mijn afkomst hebben zeer bepaald dat ik weet hoe het voelt om outsider te zijn. Om niet gewenst te zijn. Dat is zelfs het onderliggend fundament van mijn kracht, denk ik. En misschien had ik zonder die kant, niet zoveel kracht ontwikkeld! Ik weet bijna zeker, dat ik een andere vrouw was geworden...
Aan de andere kant vond ik dat deze film niet per se alleen over mijn emoties moest gaan. Ik wil dat de kijker er wat bij gaat voelen en dat hij of zij gaat nadenken vanuit een door haar of hem te kiezen standpunt.
Voor zover je wel je emoties laat zien, doe je dat in je gezongen teksten. Dat is al jaren jouw expressievorm. Maar heb je voor de documentaire ook een andere vorm overwogen? Waarom wel of niet?
Ik voelde me in het begin wel een beginneling in het genre. Ik had namelijk nog nooit een documentaire gemaakt en was dat aanvankelijk ook niet van plan. Het zou eerst een voorstelling worden. Pas toen mijn familie op beeld zo sterk over bleek te komen, wezen andere mensen me er op dat het misschien een docu kon worden!
Gelukkig werd ik vooral in de beginfase inhoudelijk begeleid door ervaren makers als Tessa Boerman en Jos de Putter.Ook later werd ik bij al mijn vormkeuzes gesteund door een gouden crew. Zonder de aanmoedigingen van al deze mensen had ik het nooit gewaagd om zo gedurfd in mijn vormkeuzes te zijn.
Maar tijdens het schrijven van het filmplan, en voornamelijk door de manier van vertellen van mijn zus, kwam ik op het idee om er ‘spoken word’ aan toe te voegen. Dat klopte voor deze film. Maar ik denk niet dat ik voor mijn volgende film weer per se dezelfde keuze zou maken. Al zal ik altijd meer ‘oor’ hebben voor de sound, intonatie en audio dan een minder muzikale maker, denk ik.
Het Vlaams Belang heeft inmiddels haar broederpartijen in verschillende Europese landen. Zou je dat kunnen verklaren n.a.v. de mening van de mensen die je sprak voor je documentaire?
Angst zit in de mens.
Overal.
Angst voor het vreemde.
Angst voor elkander.
En we communiceren slecht.
En we zitten op elkaar te wachten.
De een op de ander. En de ander op de een.
Je biologische moeder is kind van een zgn. allochtone Vlaamse moeder en een allochtone Amerikaanse vader. Jij hebt op jouw beurt weer een Afrikaanse vader. Hoe ervaar jijzelf de leuze ‘Eigen Volk Eerst’ van het Vlaams Belang?
Au, als het uit de mond van het Vlaams Belang komt. Maar mijn vrienden en familie gebruiken de leuze ondertussen vaak zelf als grapje, om onze liefde voor elkaar te duiden. Dat geeft aan hoe ik in het leven sta: met humor en kracht het negatieve tot iets positiefs ombuigen. Als iedereen dat nou eens doet, verliest de leuze meteen ook zijn power voor extreem-rechts. Yeah!!!! (Ik zit nu grinnikend en hardop lachend achter mijn schrijfmachine!)
Heb je plannen voor een nieuwe documentaire? En zo ja, welke?
Eerst ga ik mijn debuutroman ‘De Kleenex Kronieken’ afschrijven die – als het goed is – in het najaar verschijnt bij uitgeverij De Harmonie. Door de film heeft het schrijven van die roman namelijk vertraging opgelopen, maar ik heb me nu weer aan het schrijven gewijd.
Verder heb ik wel tien verschillende ideeën voor een volgende film. Er ligt een ander plan, een scenario voor een fictiefilm, dat niet raakt aan het thema van mijn documnetaire ‘Eigen Volk’. En ik heb een plan voor een documentaire over intimiteit en schijnintimiteit ontwikkeld bij de IDFA Scenariomasterclass. Ook wil ik een kinderdocumentaire maken over zwarte vaders met veel kinderen bij meerdere vrouwen, dus brothers en sisters... meld je aan!
Ik bruis en stroom over! Dus hou me in de gaten!
Eigen Volk, de documentaire van Neske is te zien op www.hollanddoc.nl en www.uitzendinggemist.nl
Tekst: Neske Beks en redactie
Beelden: Stills uit documentaire ‘Eigen Volk’




